
In den beginne was er niets in de Westhoek. Overal heerste volstrekte stilte. Maar op de zevende dag oordeelde de jonge Patrick dat er lawaai moest komen. En zo kwam in 1988 in Diksmuide de 4AD tot stand. Geïnspireerd op het gelijknamige platenlabel zorgde de 4AD ervoor dat er in de Westhoek iets te beleven viel voor de alternatieve muziekliefhebber. Na jaren van vallen en opstaan heeft de 4AD nu eindelijk een hoogtepunt bereikt. Op 8 april gingen de deuren open van hun nieuwe en grotere locatie langs de Kleine Dijk in Diksmuide. Op die manier kan er wat meer volk komen kijken naar de boeiendste concerten, nationaal en internationaal.
De huidige bezetting bij 4AD bestaat uit Patrick, Marjan, Dave, Jan, Dorine en Bernadette. Op een idyllische zondagnamiddag brachten we een bezoek aan de gloednieuwe zaal en hadden we een gesprek met Patrick en Marjan.
Patrick, kunnen we aannemen dat de 4AD is ontstaan door het idee dat je op je achttiende als punkrocker en fervente DIY’er plots zin kreeg om zelf wat concertjes te gaan organiseren, zodat er in het boeregat waar je rondzwerfde ook eens wat te beleven viel?
Patrick: Het ondertussen al klassieke verhaal is dat we inderdaad midden de jaren 80 op ons achttiende veel naar concerten gingen. In West-Vlaanderen was de Limelight in Kortrijk toen zeer actief. Belgische en internationale groepen, en van bekendere tot minder bekende lokale groepen. Voor de internationale groepen was het meer in de Democrazy in Gent of de Beursschouwburg in Brussel te doen. Dat was niet altijd zo evident om er te geraken want op ons achttiende hadden we nog geen wagen. Maar we wisten maar al te goed wat we wilden en met twee andere kerels uit Diksmuide sloeg ik de handen in elkaar. Net vóór we begonnen heeft één van hen afgehaakt en gingen we maar met twee verder.
En zo is het langzaam gegroeid. Het café is altijd ondergeschikt geweest aan de concerten. We wilden nooit echt een café an sich zijn. We hadden wel middelen nodig voor de concerten en het café. Maar het werd een basisplaats voor gelijkgezinden, een bron van financiering en saamhorigheid.
Na drie jaar is mijn maat Nick, waarmee ik begon, echter gestopt. Toen kwam er hier een meisje in zijn plaats en daarna kwam Kristien helpen, die nu nog steeds onze kokkin is. Ze is sinds 1991 de vrijwilligster die hier het langst is, 14 jaar dus.
Marjan: En het enthousiasme blijft er van af stralen.
Patrick. Da’s waar! De concertgangers zullen haar wel niet echt kennen, maar de cafébezoekers kennen haar maar al te goed. De vrijdagnamiddag openen we altijd voor de scholieren en dan staat Kristien aan de bar. Dat blijft ze met plezier doen.
Later is de 4AD opengebloeid tot nog méér medewerkers. In 1995 zijn we dan verhuisd van de GB Jacquesstraat naar de Bortierlaan.
Viel dat in het begin der tijden van 4AD wat mee om artiesten aan te trekken, gezien jullie nog geen naambekendheid hadden?
Patrick: Dat was inderdaad geen makkie. Dat zag je al aan de programmering. Toen zaten we voornamelijk in de punk en hardcore. Daar waren we serieus mee bezig en dat kostte ook niet veel. Dat was een café’tje waar maar 80 mensen binnen kon, met een gammele zanginstallatie en een podium op bierbakken. De groepen wisten wel dat er weinig geld bij ons te rapen viel, maar aan sfeer was er geen gebrek. De groepen kregen toen wel al eten en logement. Dat vonden we heel belangrijk.
Maar later kregen we het geluk om af en toe eens een grotere naam te strikken. De punkklassieker Oi Polloi was één van die eerste grotere namen. Later volgen dan namen als No Means No en Fugazi. En uiteraard dEUS en Evil Superstars nog voor ze bekend werden, of Perverted By Desire, een miskende Belgische groep van vroeger. We kregen Marrokaanse groepen op het podium en we begonnen zelfs aan kleinere theatervoorstellingen. Eigenlijk was het al vanaf de beginjaren heel divers.
Zijn jullie dan als concertclub subsidies gaan krijgen?
Patrick: Ja. In 1997 en ‘98 kregen we 1/8 van het Clubcircuitpotje, 1.5 miljard BEF. Nu is dat uitgegroeid tot 250.000 Euro per jaar. Daar kan je toch al iets mee doen. Zo kan je al eens de full time medewerkers hun loon uitbetalen. De grote pot wordt eigenlijk uitbetaald door de loonkosten. Daarop volgen natuurlijk de artiesten. In 2007 komt een nieuwe erkenningsronde.
Hoe kom je precies lid van het Clubcircuit?
Patrick: We werden lid ergens rond 1996. Toen hadden we nog geen subsidies. Ik had een loopbaanonderbreking en ik probeerde in die periode vanalles. Ze hadden toen een vijftal clubs, maar wij kwamen niet meteen aan de orde. Ongeveer twee jaar later kwam er een nieuwe impuls die tot op heden bizar genoeg nog steeds bestaat, en kreeg het Clubcircuit twee nieuwe clubs bij. Wij waren toen met zeven, en dan hadden we iets van “Ja, waarom kunnen wij daar eigenlijk niet bij?”. Dan hebben we een beetje blufpoker gespeeld, want de eerste vereiste was dat je een eigen locatie moest hebben voor 2OO personen. Daarvoor kwamen we dus in aanmerking. Als je zeven mensen op een vierkante meter zet kreeg je zelfs 250 mensen binnen. Ze wisten bij het Clubcircuit wel waar we mee bezig waren, want toen we in de Bortierlaan zaten was het aanbod een stuk ruimer en konnen we de groepen al eens iets betalen. Het café draaide toen al goed, en dan kan je ook de groepen méér betalen. In 1996 kregen we ook al Europese subsidies en we hadden al eens een deftige PA geïnstalleerd. Zo groei je langzaam, iedere frank dat je verdient investeer je weer.
We zijn dus bij het Clubcircuit geraakt als het kleine broertje. Dat ze zowel de grote als ons erbij namen vond ik wel plezant.
In 2002 kregen we van de Vlaamse Gemeenschap als eerste de toelage voor een nieuwe infrastructuur. Hoe fijn en gezellig het in de Bortierlaan ook was, er waren nu eenmaal beperkingen aan die ruimte. A Silver Mount Zion heeft er twee keer gespeeld. Die zijn met tamelijk veel, waardoor er twee artiesten vóór het podium moesten staan en zelfs nog twee achter, omdat het podium te klein was. Je weet ook wel dat het voor die artiesten dan problematisch is om feedback te krijgen. Dat was een van die vele technische problemen. We werken ook met vier mensen full time die kantoorruimte nodig hebben en een hoop vrijwilligers, waardoor je op de duur zou beginnen vechten om een plaatsje. We hadden eigenlijk al jaren gedroomd van een grotere ruimte, en die hebben we nu.
De groepen die jullie programmeren, zijn dat altijd groepen waar jullie volledig achter staan, of moet je ook soms denken aan het commerciele aspect waardoor je al eens iets moet programmeren tegen je zin?
Patrick: Niet echt. Dankzij onze subsidies kunnen we toch wel doen wat we willen. In de beginjaren kwam er wel al eens een groep waarvan we wisten dat we al eens in onze handen mochten wrijven voor het financiele aspect. Maar als we dan een fuif organiseerden, met de bedoeling geld in het laatje te krijgen, waren we dat geld alweer snel kwijt. Die fuiven vielen altijd tegen. Maar ja, doe dat maar eens om maar te blijven organiseren en maar geld te verliezen! Die fuiven konden wij toch niet blijven organiseren, dus zijn we daarmee gestopt. Stel je toch eens voor: fuiven voor 200 man en je verkoopt maar twee vaten bier! Da’s dus niet ons ding, maar concerten des te meer. Op dat gebied doen we maar weinig toegevingen. Soms heb je het wel eens voor dat je een bepaalde groep naar je club uitnodigt die juist op toernee is met een andere groep. Dan moet je die groep erbij nemen. Maar op dat vlak doen we heel weinig toegevingen. En dat zal ook wel zo blijven.
Zijn er bepaalde groepen of artiesten waarvan je op je sterfbed nog steeds een natte droom zal krijgen omdat ze ooit in je club hebben gespeeld?
Patrick: Niet alles wat ik als programmator naar hier breng zou ik constant naar hun cd’s luisteren, maar normaal speelt hier nooit iets waar ik nooit van hou. Maar inderdaad, de eerste keer dat we hier The Ex over de vloer kregen, blijf ik een mijlpaal vinden in de geschiedenis van de 4AD. Die hebben hier ondertussen al drie keer gespeeld, in 1989, 1993 en 2003. Zowel qua statement als artistiek vind ik dat een zeer sterke groep. Dan zijn er natuurlijk ook nog groepen als Fugazi en A Silver Mount Zion. Maar het zijn niet altijd de grote groepen, ook van heel wat kleinere groepen heb ik heel wat genoten. Bijvoorbeeld iemand als Steve Scott, een man die geluidsopnames maakt en bewerkt. Een zeer fijne mens om mee te praten, maar de laatste tijd hoort niemand daar nog iets van.
Maar enfin, de gedachte dat Fugazi hier heeft gespeeld is natuurlijk wel plezant. En natuurlijk, de zangeres van Blonde Redhead die je uit de douche ziet komen, dat doet wel iets!
Marjan: En Meg White van The White Stripes!
Patrick: Die heeft hier ook onder de douche gestaan.
Heeft die hier nog gespeeld?
Marjan: Zij heeft hier ooit eens de merchandising gedaan voor The Soledad Brothers.
Patrick: We zaten hier ook eens met de Japanse groep Melt Banana ’s nacht om drie uur in onze living. Ze waren hier een dag vroeger aangekomen. Kristien had eten voor hen gemaakt. Ze zaten in hun pyama naast mij naar de herhaling van Het Journaal te kijken, waar we de berichtgevingen over de varkenspest zaten te volgen. Dat was in die periode. Dat zijn zo van die plezante momenten waar je het voor doet. Je hebt meestal wel nauwe contacten met de artiesten die hier spelen. Zoals Blonde Redhead die hier vijf dagen zijn blijven slapen omdat ze hun arbeidsvergunning voor Engeland niet kregen. Ze wilden de dag daarop naar Brugge rijden met de tandem. Ik had hen de weg uitgelegd maar dan nog waren ze compleet verkeerd gefietst. Ze zaten ergens in Torhout. Dan ben ik ze maar gaan oppikken met de camionette.
Marjan: No Means No hebben we hier vorig jaar ook een viertal dagen gehad. Die hebben vier dagen aan onze toog gezeten!
Patrick: Het is wel leuk dat we nu heel wat ruimte hebben voor de artiesten die hier overnachten. Nu zijn ze wel echt op hotel! De hele benedenverdieping is voor hen, twee badkamers en boven hebben ze ook nog een hele ruimte. En ze kunnen zelfs op internet.
Over het algemeen zien we in de 4AD voornamelijk gitaarmuziek en dergelijke, maar minder electronische muziek. Is er daar een zekere reden voor?
Patrick: Met electronische muziek heb je nogal snel gewoon iemand die aan wat knoppen staat te draaien. Dan valt er toch niet veel te zien. Afgelopen week speelde hier nog B. Fleischmann, maar die had een hele groep mee. Anders had ik ze hier niet geplaatst. Ook Stars Of The Lid heeft hier gespeeld en die vind ik werkelijk fantastisch! Maar met die dingen vraag je je soms af of ze nu gewoon aan ’t babbelen zijn met elkaar in plaats van echt spelen. Hoewel dat met Stars Of The Lid wel meevalt, want die doen ook nog gitaar en zo. Köhn heeft hier ook al gespeeld, wat ik toch een van de betere Belgische electronica vind. Maar als het echt van die statische electronica acts zijn, dan hoeft het hier niet echt. Sommigen brengen dan wel videobeelden mee en dat kan wel leuk zijn, maar er is toch maar weinig live-spektakel. Dan is er nog techno en aanverwanten, maar dat is helemaal niet ons ding.
Voor house en techno kan je wellicht al bij genoeg plaatsen in Diksmuide terecht.
Patrick: Ja, we zullen die mensen maar geen concurrentie aandoen.
Met hoeveel mensen werk je hier nu precies?
Patrick: Vier mensen die full time werken en één iemand part time. Jan, Marjan, Dave, Dorine en Bernadette. En dan nog iemand die enkele uren per week komt poetsen.
Hebben jullie dan allemaal een specifieke rol in te vullen?
Marjan: Dat overlapt wel soms met elkaar. Patrick doet wel voornamelijk de programmatie. Mijn taak hier is voornamelijk sigaretjes rollen en daarvoor betaald worden! Neen, ik doe hier meestal subsidiedossiers en administratieve taken, of begrotingen opmaken. Maar ook teksten schrijven over de groepen en tijdens de verhuizing van 4AD schilderen en plamuren!
Patrick: Straks mag ze ook tuinieren, maar dat wist ze tot nu toe nog niet.
Hoe lang hebben jullie precies gewerkt aan de nieuwe locatie?
Patrick: Welgeteld een jaar, één maand en één dag. We zijn op 7 maart 2004 begonnen en de opening vond plaats onlangs op 8 april. Maar er is nog steeds veel werk. Voor het publiek is het wel compleet afgewerkt, zowel de zaal als het café. Maar de backstage en repetitieruimtes moeten nog volledig ingericht worden, en de tuin. Maar het publiek ervaart geen handicaps. Voor de opendeurdag zouden we de backstage en dergelijke allemaal tentoon stellen, maar dat hebben we uiteindelijk niet kunnen doen. We moeten zeker nog 2500 zandzakjes vullen. We hebben hier buiten voorlopig een muur van zandzakjes geplaatst als afwerking en geluidsbuffer van de repetitieruimtes.
Maar ik vind dat het in 13 maanden tijd toch allemaal erg snel is verlopen.
Toen ik hier naar Karate kwam kijken, het allereerste concert in de nieuwe zaal, had ik toch even moeite om de weg te vinden. Ervaar je niet teveel problemen met mensen die het niet vinden?
Patrick: Voor mensen die van de autostrade komen zullen er binnenkort wegwijzers naar de 4AD zijn. Maar aangezien die weg nog openligt, zorgt dat inderdaad soms voor problemen. Vanaf september zijn die problemen van de baan.
Zijn er nooit mensen die klagen dat ze Diksmuide te onbereikbaar vinden en dat ze de 4AD liever in Gent of Antwerpen hadden gehad?
Patrick: Het is een beetje een cliché geworden in de media dat ze het vaak over de moeilijke ligging van de 4AD hebben. Sommigen vinden Diksmuide gewoon te ver. Maar ja, mensen die in de Vlaanders geboren zijn en Diksmuide dan nog te ver vinden, moeten dat maar zelf weten.
Marjan: Maar je ziet toch dat sommigen het wel voor over hebben om van ver te komen, zeker als het een groep betreft die alleen hier speelt en nergens elders in België.
Jullie organiseren ook nog andere evenementen die niets met muziek te maken hebben, zoals Theatertram.
Patrick: Ja, we vinden het wel leuk dat we ook eens iets doen met theater en dergelijke. We zijn dat eigenlijk begonnen als reactie op de lokale schouwburg, die soms wel eens durfde te vergeten om theater te programmeren. Ze deden genoeg klassieke muziek of flauwe comedy avonden, maar aan theater hadden ze precies niet gedacht. Dus als ze de theaterliefhebber in de kou lieten staan, gingen we het zelf maar doen. Vroeger waren hier de culturele centrale die elf jaar lang een theatertrein op de rails hadden gezet. Door hun inspanningen is er hier in Diksmuide dan ook een schouwburg gekomen, louter door een privé-initiatief. Ze hebben de beroepsploeg en de infrastructuur, maar hun inspanningen hebben ze wat aan de kant geschoven. Dan hadden we iets van “dat kunnen wij beter” en zijn we maar zelf begonnen.
Door de beperkte middelen die we hadden begonnen we per seizoen met vijf voorstellingen. Het werd een succes bij het publiek, waardoor we dat verder opbouwden en de Theatertram stichtten. Alleen dit jaar konnen we Theatertram niet bij nemen door de verbouwingen. Maar volgend jaar komt er zeker een nieuwe Theatertram. We beginnen dan met “Lev”, een voorstelling door de muzikanten Rudy Trouvé en Geert Waegeman, over het leven van Lev Theremin (de uitvinder van de theremin, een geheimzinnig elektronisch instrument, nvdr.). Een heel sterke muziektheatervoorstelling.
Marjan: We doen met Theatertram niet alleen theatervoorstellingen, maar ook avonden met bekendere acteurs of auteurs, zoals Wim Opbrouck en Peter Verhelst.
Patrick: Die lezen dan wat voor of vertellen over hun werken. Bij de avond met Wim Opbrouck speelde hij zelf ook veel muziek. Hij is ook muzikant.
We doen dus geregeld “Een Avond met...”, dat is dan met een iets bekendere figuur. We leggen hen dan uit wat ze moeten doen en die zien dat wel zitten. Zij gebruiken dat dan een beetje als experiment met het publiek. Antje De Boeck kwam hier ook een monoloog met muzikant Piet Joris voorstellen, ze kon dat hier voor het publiek komen uittesten. Ook Josse De Pauw deed dat. Als ze hier op het podium komen weet je wel dat ze echt iets zullen brengen. Ook het publiek krijgt dan de kans om hun vragen te stellen.
Sporadisch brengen we ook film, dat zit dan meer onder ons zomerprogramma bij Stad Onder Stroom. Dat is bijna volledig gedreven door de filmploeg van Diksmuide. Dat zijn mensen die vrij veel aan onze toog hangen.
Dat is dan ook het voordeel om in een kleine stad als Diksmuide te zitten. Iedereen kent elkaar, en als we elkaar wat aanvoelen kunnen we wel interessante initiatieven uit de grond stampen.
Werken jullie ook soms samen met andere organisaties?
Patrick: Stad Onder Stroom vond vorig jaar plaats op de parking van het postgebouw. Dan kregen we medewerking van De Post. Maar het jaar ervoor deden we een expositie in het stationsgebouw, en daar kregen we dan weer tegenwerking. Ze begonnen al te zagen als we ergens een gaatje wilden boren om iets op te hangen.
Enfin, die samenwerkingen varieren een beetje. We hebben ook al exposities op de markt van Diksmuide gegeven. Als we iets willen doen op een andere locatie moet er echt wel een meerwaarde achter zitten. De locatie moet dan volledig in het teken staan van het soort evenement dat we willen doen.
We werken ook samen met het jaarlijkse festival Ten Vrede in Diksmuide. Dat zijn dezelfde organisatoren van de Ijzerbedevaart. Vijf jaar geleden kwamen ze naar ons toe om hulp te vragen voor de programmatie. Bij de 4AD hadden we ooit de slogan “Links voorbij de Ijzertoren”. Toen kwam Cheb Khaled op Ten Vrede spelen. Dat ging er voor een aantal mensen moeilijk in dat een vreemdeling bij de Ijzertoren kwam spelen.
Is het niet zo dat je tegenwoordig een bedevaart hebt voor de linkse en een bedevaart voor de rechtse? Ik neem aan dat jullie niet meewerken aan de rechtse bedevaart.
Patrick: We werken ook niet echt mee aan de bedevaart voor de linkse, hoor, enkel aan Ten Vrede. Maar inderdaad, ik denk dat je de 4AD eerder bij de progressieve Vlamingen mag classifiëren. Ik zie dus niet wat we zouden kunnen bijdragen aan de bedevaart van de Blokkers. Wij hielpen mee aan een programma vol Turken die onder de Ijzertoren kwamen spelen, dat vonden de Blokkers natuurlijk niet leuk. Maar Ten Vrede profileert zich als een multicultureel festival. Dat speelt zich dan af op 200 meter van die Blokkers hun deur, en zo ontstaat er controverse. Wij hebben Ten Vrede gesteund en we vonden dat al een hele stap vooruit binnen die Vlaamse beweging dat we hier een multicultureel festival konnen organiseren. Tom Lanoye is er ook eens poëzie komen voordragen. Hij zei dat hij enorme schrik had om daar te komen voordragen. Maar eens hij daar aankwam zag hij een weide vol wiet rokende jongeren. Dan was hij weer op zijn gemak.
Komen er dan geen Blokkers amok maken tijdens het festival?
Patrick: Dat valt mee want er ligt een week tussen het festival en de rechtse bedevaart. Dat valt dus niet samen. Op de vooravond van de rechtse bedevaart sluit de 4AD ook altijd hun deur. In het begin waren we wel nog open. Maar toen ons café vol skinheads zat besloten we om in het vervolg te sluiten. We kregen ook vroeger pamfletjes in onze brievenbus met racistische propaganda, maar de laatste tijd hebben we daar geen last meer van. En we zijn nu vehuisd, dus gaan we er nu zeker geen last meer van krijgen. Maar heel dat extreem-rechts gedoe rond die toren is de laatste jaren wel ferm afgenomen. Het is wel nog altijd een Vlaamsgezinde bedoening, maar ja, je moet je nu ook niet gaan schamen om Vlaming te zijn.
Waar willen jullie dan nog heen in de toekomst?
Patrick: Met de bedevaart? Alle middelen en subsidies naar Ten Vrede!
Nee, ik bedoel of jullie nog nieuwe toekomstplannen hebben met de 4AD.
Patrick: Wel, ik denk nu we verhuisd zijn, dat we toch ongeveer op ons hoogtepunt zitten. Nu komt het er gewoon nog op aan dat we moeten bestendigen om een programmatie te doen die we willen. Nu hebben we iets méér aandacht omdat we veel onbekende en obscure dingen naar voor brengen. Dat is ons doel, hoe obscuur het ook is, dat we dat naar voor kunnen brengen en tegelijk genoeg aandacht krijgen. Een publiek aantrekken voor dingen die je amper op de radio hoort maar die over veel kwaliteit beschikken. Soms maakt het mij wel nog kwaad als ik zie dat een kutgroep volle zalen aantrekt, terwijl er naar sommige goeie groepen haast geen kat komt kijken. Dat we verhuisden naar een grotere zaal hebben we ook grotendeels voor de groepen gedaan, zodat er meer mensen hen aan het werk kan zien. Gewoon vanuit de filosofie van “kom luisteren en oordeel zelf”. Maar dat blijft natuurlijk voor veel mensen een zware opdracht.
Nu moeten we zien dat het gebouw helemaal in orde komt en dat we overeen komen met de buren. Niet dat we daar last mee hebben, want dit is een heel rustige straat. Kijk! Toevallig passeert onze buurman Willy. (Patrick en Willy zwaaien even naar elkaar, nvdr.) Enfin, het is dus heel belangrijk dat je met je buren overeen komt. Die punkers van vroeger met hun slogan “Think global, act local” vond ik eigenlijk helemaal nog niet zo stom.
Marjan: Onze werking wordt ook nog uitgebreid. We bouwen hier nog repetielokalen en organiseren straks workshops. Dat is ook nog iets nieuw die erbij komt die we totaal nog niet gewend zijn. Maar dat zal beslist nog een meerwaarde geven aan het geheel. Eens de zandzakjes er allemaal bij liggen en het gras is gegroeid zal dat hier wel iets geven! We kunnen misschien een workshop beginnen om zandzakjes te vullen.
Wij schrijven ons in! Dan doen we nog eens iets aan onze conditie.
Fg
Foto’s: kv